Financieel beleid UN1EK


UN1EK opvang en opvoeding

Rendement en resultaat

Stichting UN1EK opvang en opvoeding streeft naar een minimaal rendement van 2% om de continuïteit van de organisatie te kunnen waarborgen en om weerstandsvermogen op te bouwen. In 2018 is er een positief bedrijfsresultaat behaald van 1,7% van de totale omzet.

Het resultaat voor belastingen bedraagt in 2018 € 144.000 (2017: € 137.000 en 2016: € 21.000). De omzet is in 2018 met 7% gestegen t.o.v. 2017.

In 2017 was sprake van een aantrekkende markt als gevolg van de economische groei en zagen we de bezetting toenemen.

Kengetallen

De financiële positie wordt aan de hand van twee kengetallen verder gespecificeerd. De solvabiliteitsratio ultimo 2018 is 35%. Dat is gelijk aan 2017 - in 2016 bedroeg deze 37%. Het Waarborgfonds geeft als ondergrens voor de sector 10% aan; de solvabiliteit van UN1EK Opvang en Opvoeding is dus ruim voldoende.

De liquiditeitsratio voor 2018 (op basis van current ratio) is 1,45. In 2017 was dat 1,62 en in 2016 was het 1,52.

De door het Waarborgfonds gehanteerde ondergrens voor de liquiditeit is 1. UN1EK Opvang en Opvoeding blijft de liquiditeit scherp monitoren.

UN1EK onderwijs

Belangrijkste kenmerken gevoerde financieel beleid

UN1EK Onderwijs streeft jaarlijks naar een positief resultaat van 0,5% en 1,5% voor de instandhouding van het vermogen en de opbouw van reserves om te kunnen investeren in onderwijskundige vernieuwing. Zo nodig kunnen daarvan ook de effecten van een afnemende leerlingaantallen op de ene school worden opgevangen óf juist de groei van het aantal leerlingen op de andere school.

Stichting UN1EK Onderwijs heeft over 2018 een negatief resultaat geboekt van € 296.045 tegenover een begroot resultaat van € 102.047. Dit verschil wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere lasten met betrekking tot huisvestingsprojecten en administratie- en beheerslasten. De administratie- en beheerslasten waren te laag begroot. Wat betreft de hogere lasten met betrekking tot huisvesting is het afgelopen jaar gebleken dat de bewaking van huisvestingsprojecten en -kosten aangescherpt moet worden.